Optimaal beleggingsbeleid op deelnemersniveau
ImagePensioenakkoord

Optimaal beleggingsbeleid op deelnemersniveau

ImageLeestijd 5 minuten
In het huidige systeem van individuele beschikbare premieregelingen maken we bij het inrichten van de beleggingen op deelnemersniveau gebruik van het lifecycle systeem. Straks onder het nieuwe pensioenstelsel gaan we in de flexibele beschikbare premieregeling opnieuw werken met lifecycles.

Door: Berry van Sonsbeek, Product Marktmanager Zwitserleven

De verwachting is dat de samenstelling van de lifecycle modellen onder het nieuwe stelsel wat gaat wijzigen. Dit komt omdat premies op deelnemersniveau een vlak percentage van de pensioengrondslag worden. In het oude stelsel werd veelal een stijgende staffel gebruikt. Ten opzichte van het huidige systeem, gaan de premies aan het begin van de loopbaan stijgen en aan het einde dalen. Deze wijziging van instroom van premies die belegd worden, vraagt om een toetsing van de bestaande lifecycle modellen op optimale uitkomsten. Om uiteindelijk voor de deelnemers weer een zo goed mogelijk pensioen te bereiken onder het nieuwe stelsel.

We weten niet wat we niet weten

Als deelnemers de keuze hebben tussen diverse lifecycle modellen, dan wordt er een uitvraag naar risicohouding en risicobereidheid gedaan bij deelnemers. Het doel is om te komen tot een voorstel van een lifecycle die het beste past bij de deelnemer. De afgelopen tijd zien we dat de professionaliteit waarmee die risicohouding en risicobereidheid wordt vastgesteld toeneemt. En gelukkig maar, want een onzorgvuldige uitvraag en begeleiding kan tot keuzes leiden die schrijnende situaties tot gevolg hebben.

Een punt van zorg is dat we niet altijd relevante data mogen of kunnen gebruiken. We hebben geen zicht  op wat we niet weten van de deelnemer. Dat kan van invloed zijn op een optimale begeleiding bij de keuze voor een lifecycle. Denk bijvoorbeeld aan een situatie waarbij een deelnemer nog elders opgebouwde pensioenen heeft. En dat deze data niet worden meegenomen bij de inrichting van de beleggingen in het nieuwe stelsel. Dit kan ertoe leiden dat je in het nieuwe stelsel te veel of te weinig beleggingsrisico neemt om tot een optimaal pensioen te komen.

Ook is het bij de inrichting van de individuele beleggingen of lifecycle van belang, om mee te wegen wat de totale vermogenspositie en het verwachte uitgavenpatroon van iemand is. Neem je dit soort dingen niet mee, dan kom je altijd tot suboptimale invullingen van de beleggingen van een deelnemer.

Rol van de adviseur

In het nieuwe pensioenstelsel is er een belangrijke rol voor pensioenuitvoerders om deelnemers zo goed mogelijk te begeleiden bij het maken van individuele keuzes. Ik ben ervan overtuigd dat het voor veel deelnemers slim is om een adviseur mee te laten kijken. Iemand die thuis is in de materie en ook samen met de deelnemer naar het totale financiële plaatje kan kijken. Uiteindelijk wil je een invulling van de beleggingen die optimaal past bij de persoonlijke situatie en wensen van de deelnemer. We spreken dan van een dynamisch lifecycle systeem. Een systeem waarbij de lifecycle op regelmatige wijze wordt aangepast aan veranderende wensen en omstandigheden van de deelnemer.

De pensioenuitvoerders moeten de verantwoordelijkheid invullen om de deelnemer een zo goed mogelijke en passende richting te geven bij de keuzemogelijkheden. Op basis van kwalitatief goede data en professionele modellen.

Ik hoop dat we uit voorzichtigheid deelnemers niet per definitie richting te defensief beleggen begeleiden. Je kunt beter eerlijk zijn en aangeven dat informatie ontoereikend is om tot een goede richting te komen. Doe je dat niet, dan ontneem je een deelnemer misschien een kans  om een optimaal pensioen te bereiken doordat er te defensief belegd wordt.

Berry van Sonsbeek

Berry van Sonsbeek

Berry van Sonsbeek (1960) studeerde actuariaat aan de universiteit van Amsterdam en wiskunde aan de universiteit van Leiden en is Product Marktmanager bij Zwitserleven. Hij is gespecialiseerd in commerciële- en actuarieel technische aspecten van pensioenen.


Dit artikel is gepubliceerd op 01 november 2021

Misschien vindt u dit ook interessant:

Compensatieregelingen leiden tot gebruik van de eerbiedigende werking.

Compensatie­regelingen leiden tot gebruik van de eerbiedigende werking.

Het recent verschenen document met vragen van de Tweede Kamer over het nieuwe stelsel en de antwoorden daarop van minister Schouten, geeft wat reden voor het fronzen van wenkbrauwen. Een column van Berry van Sonsbeek.

Leestijd 8 minuten

Fiscale aspecten Wet toekomst pensioenen.

Fiscale aspecten Wet toekomst pensioenen.

Op 30 maart 2022 is het wetsvoorstel Wet toekomst pensioenen ingediend bij de Tweede Kamer. Voor werkgevers, werknemers en adviseurs gaat er komende tijd veel veranderen. Daarbij is een goede voorbereiding en de juiste kennis van belang als naar verwachting op 1 januari 2023 de wet van kracht is.

Leestijd 2 minuten

Marktrentestaffels Zwitserleven.

Marktrentestaffels Zwitserleven.

De laatste tijd is de rente aan het oplopen en dat heeft gevolgen voor onder andere de marktrentestaffels van Zwitserleven. In dit artikel leest u waarom. Zwitserleven hanteert op dit moment marktrentestaffels op basis van 2% en 2,5% voor beschikbare premie­regelingen. Of we een kostprijsstaffel mogen offreren hangt af van de referentierente.

Leestijd 4 minuten

Voor- en nadelen van een flexibele premieregeling.

Voor- en nadelen van een flexibele premie­regeling.

In het nieuwe pensioenstelsel hebben we uiteindelijk de flexibele premie­regeling en de solidaire premie­regeling. Het grootste verschil zit in de manier waarop rendementen bij de deelnemers te­rechtkomen en de mate waarin gebruik wordt gemaakt van solidariteitsreserves.

Leestijd 5 minuten