Case Bas en Evelien.

Bas: “Ik wist het meteen, toen ik Evelien voor het eerst op een verjaardagsborrel zag: ‘dit is een bijzondere vrouw.’ Ze maakte iets in me los. Gelukkig was het wederzijds en gaan we nu samenwonen.”

“We raakten op die borrel aan de praat en zijn niet meer gestopt tot we ineens zagen dat iedereen al naar huis was. Hoewel het meteen dik aan was tussen ons, gingen we niet meteen samenwonen. Ik woonde en werkte in het Oosten des lands en Evelien in het Westen. Als de een bij de ander zou intrekken, moest een van ons elke dag extreem lang reizen. Niet handig. Dus besloten we voorlopig alleen elk weekend met elkaar door te brengen.”

Evelien: “Maar je weet hoe dat gaat als je smoorverliefd bent. Dan wil je zo veel mogelijk tijd met elkaar doorbrengen en niet elke zondagavond weer voor een hele week afscheid nemen. We hebben uitvoerig gebrainstormd over hoe we ons probleem konden aanpakken. We zijn toen allebei om ons heen gaan kijken naar een baan ’halverwege’: in het midden van het land. Toevallig hebben we die vrij snel gevonden. We zullen binnenkort gaan verhuizen naar een huis dat bijna precies tussen onze nieuwe werkplekken in ligt. We vinden het wel heel spannend allemaal. Ook omdat we nu voor het eerst gaan samenwonen!”

Bas: “We willen dat goed doordacht aanpakken en een samenlevingscontract laten opstellen bij de notaris. Betekent dat automatisch dat onze pensioenen dan ook gezamenlijk zijn?”

Evelien: “We gaan er blind vanuit dat het samenwonen goed zal gaan. Maar omdat we geen kinderen meer zijn en ook wel weten dat het leven soms raar kan lopen, willen we graag weten hoe we dingen moeten regelen zodat we er niet voor altijd aan vastzitten, mochten we onverhoopt ooit uit elkaar gaan.”