Visie mei 2017.

Macro economische ontwikkelingen

De macrocijfers voor de eurozone vallen al langere tijd mee en geven aan dat de economie in een hogere versnelling is gekomen. De buitenlandse handel ontwikkelt zich positief. Zo is exportgroei naar China, Zuidoost-Azië en Afrika overtuigend en valt de krimp van de export naar het Verenigd Koninkrijk erg mee. De investeringen bewegen zich in alle grote eurolanden naar een hoger peil. De stijging zal zich naar verwachting voortzetten. Als gunstige factor geldt ook dat het ondernemersvertrouwen het hoogste peil bereikt heeft van na de grote recessie. De consumptie in de eurozone groeit in een stabiel tempo van rond de 2% en vormt daarmee de belangrijkste gangmaker voor de economie.

De Amerikaanse economie heeft wat momentum verloren in het eerste gedeelte van het jaar. Indicatie hiervoor vormen de cijfers over de private consumptie, een bestedingscomponent die sinds eind 2013 steeds de belangrijkste aanjager van de groei is geweest. De inzinking is hoogstwaarschijnlijk tijdelijk. De vooruitzichten voor de totale koopkrachtontwikkeling zijn namelijk gunstig, gegeven de signalen van de arbeidsmarkt. Het consumentenvertrouwen blijft ondertussen op een hoog peil staan. De investeringen verkeren sinds het tweede kwartaal van vorig jaar in een opgaande lijn die zich naar verwachting voortzet, waarbij met name van de heropleving van de schalieolie-industrie een belangrijke impuls uitgaat. Onduidelijkheid over toekomstige belastingregels en tarieven vormt echter wel een remmende factor. Vooral vanwege de betrekkelijk gunstige vooruitzichten voor de consumptie gaan we ervan uit dat de lagere groeimodus voor de Amerikaanse economie van korte duur is.

Vastrentende markten

Over het geheel genomen is de volatiliteit van de rente in de afgelopen maand gering gebleven. Het rendement op de Duitse 10-jaarsrente bewoog zich in april binnen een smalle bandbreedte. Het rendement daalde langzaam van ongeveer 0,30% naar iets minder dan 0,20%. Marktpartijen waren bang voor een extreme Franse verkiezingsuitslag. De eerste ronde kon de markt geruststellen, aangezien Macron voor de tweede ronde een ruime voorsprong leek te hebben op zijn rivale Le Pen. Hierdoor schoot de Duitse 10-jaarsrente omhoog naar 0,40% en waren de meer risicovolle beleggingen weer in trek. Het rendementsverschil met de Franse 10-jaarsrente daalde van 75 naar 50 basispunten. Het rendementsverschil tussen Italiaanse en Duitse obligaties vertoonde een vergelijkbaar patroon; dit nam in de eerste helft van de maand toe van 185 basispunten naar 210 basispunten en daalde na de eerste ronde van de Franse verkiezing vervolgens weer naar 185 basispunten. In de laatste week van de maand nam de risicobereidheid echter iets af in reactie op teleurstellende Amerikaanse macro-economische cijfers. De ECB kon dankzij de lage kerninflatie vasthouden aan de vriendelijke opstelling in relatie tot het stimuleringsbeleid. Een lichte opwaartse bijstelling van de groeiprognose was het enige dat kon worden beschouwd als een kleine stap in de richting van een beëindiging van het huidige sterk verruimende beleid.

Gezien de goede Europese PMI-cijfers en andere voorspellende indicatoren, verwachten wij in de komende maanden een verbetering van de harde Europese groeicijfers. Wij gaan er vanuit dat de huidige vertraging van de Amerikaanse economie van tijdelijke aard is, maar dit moet goed in de gaten worden gehouden. De Europese Centrale Bank kan echter geduldig zijn met de afbouw van de stimuleringsmaatregelen, aangezien de kerninflatie nog steeds laag is. De waardering van Europese obligaties blijft problematisch voor langetermijnbeleggers, vooral wanneer er tekenen van een iets hogere loongroei in Europa zichtbaar worden. Hierdoor zal de ECB snel gaan zinspelen op beleidsnormalisatie.

In politiek opzicht staat Europa nog steeds voor een groot aantal uitdagingen zoals de brexit en de Italiaanse politieke situatie. Al deze gebeurtenissen kunnen grote gevolgen hebben voor de toekomstige vorm van de EU. Op internationaal vlak kunnen politieke conflicten (bijvoorbeeld met Noord-Korea) eveneens leiden tot een plotseling risicomijdend sentiment op de financiële markten. De markten zullen volatiel blijven en heen en weer geslingerd blijven worden tussen hoop en vrees. Wij gaan er niet vanuit dat de brexit-onderhandelingen in de komende 12 maanden gaan zorgen voor een sterk risicomijdend sentiment. Wij verwachten daarom dat de Duitse 10-jaarsrente in de komende maanden gaat oplopen. De verwachte bandbreedte is 0,25%-0,75% voor de komende 3 maanden en 0,50%-1,00% op een termijn van 12 maanden. De uitslag van de Franse verkiezingen is gunstig voor de ontwikkeling van Duitse staatsleningen, maar zodra dat effect is uitgewerkt komen deze leningen waarschijnlijk snel onder druk. Wij verwachten daarom dat Duitse staatsleningen bezien over 12 maanden achterblijven bij swaps en obligaties uit perifere landen.

Aandelenmarkten

Wereldwijd lieten de aandelenmarkten afgelopen maand opnieuw een positieve koersontwikkeling zien. De Europese aandelenmarkten stegen gemiddeld ongeveer 2%. In Japan en de VS presteerden de aandelen minder sterk. Binnen Europa was de Franse markt één van de sterkste stijgers. De uitslag van de eerste ronde van de Franse presidentsverkiezing gaf de markt in de laatste week van april een impuls, dankzij het sterk afgenomen politieke risico van een uitslag die bij de financiële markten minder in de smaak valt. Hierdoor won de euro afgelopen maand aan kracht ten opzichte van de meeste andere valuta's. De uiteindelijke uitslag van de Franse verkiezingen droeg hier eveneens aan bij, hoewel het grootste gedeelte al was verwerkt in de koersen. In het Verenigd Koninkrijk daalden de aandelenkoersen afgelopen maand doordat premier May onverwacht een vervroegde verkiezing uitschreef. Hierdoor is de kans op een harde Brexit groter geworden.

De verbetering van de wereldwijde macro-economische vooruitzichten houdt aan en biedt steun aan een toename van de winstverwachtingen. In Europa overtreffen veel ondernemingen de winstprognoses. Vergeleken met de rest van de wereld zijn de waarderingen in de Europese markten minder gespannen. Gezien de verbeterde Europese economische omstandigheden zullen de winstbijstellingen aanzienlijk blijven. Deze staan tegenover de neerwaartse bijstellingen die in de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden. De politieke onzekerheid in verband met de verkiezingen in Frankrijk is nu achter de rug, maar er staan gedurende 2017 nog verschillende andere politieke gebeurtenissen met potentieel ingrijpende gevolgen op de agenda. Hierdoor het politieke risico van invloed zal blijven op de markten.

In de VS zijn de mogelijkheden voor een stijging van de aandelenwaarderingen beperkt, gezien het relatief hoge waarderingsniveau en het verloop van de renteverhogingscyclus van de Fed. Stijgende loonkosten kunnen een bedreiging vormen voor de hoge winstmarges, maar kunnen deels worden gecompenseerd door een verbetering van de prijszettingskracht van bedrijven. De vooruitzichten voor de regio Pacific en de opkomende markten zijn positief. De aandelenmarkten in dit deel van de wereld zullen een positief effect blijven ondervinden van de aantrekkende economische groei en het nog steeds aantrekkelijke waarderingsniveau.