Overige maatregelen
17. Overige maatregelen
- Het kabinet wil een studie doen naar vernieuwing van het Nederlandse belastingstelsel. Hierover volgt nog een brief naar de Tweede Kamer.
- Het partnerbegrip wordt in veel wetten gewijzigd. Doel hiervan is om het partnerbegrip in de verschillende wetten zo veel mogelijk op elkaar te laten aansluiten. Wel kunnen per belastingwet aanvullende voorwaarden aan het begrip partner worden gesteld.
- Successierechtschulden en -vorderingen worden met ingang van 1 januari 2010 tot schulden en bezittingen van box 3 gerekend.
- De Belastingdienst krijgt ruimere mogelijkheden om na te vorderen. Als door een fout van de belastingplichtige de belastingaanslag redelijkerwijs onjuist is vastgesteld of door een fout geen aanslag is opgelegd, mag de Belastingdienst alsnog een aanslag opleggen. Daarvan is in ieder geval sprake als de eerder vastgestelde belastingschuld 30% of meer afwijkt van de belastingschuld die de belastingplichtige volgens de wet heeft.
- Het loonbegrip wordt geüniformeerd. Voor de premieheffing werknemersverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (ZVW) gaat het loon voor de loonbelasting gelden. Het maximumpremieloon voor de werknemersverzekeringen gaat ook gelden voor de ZVW. Verder wordt de omkeerregel voor levensloopinleg ook van toepassing voor de werknemersverzekeringen. Ook verdwijnt het verschil tussen de loonheffing en premieheffing over de bijtelling voor het privégebruik van de auto van de zaak. Verder komt de verplichte inkomensafhankelijke bijdrage ZVW te vervallen en wordt vervangen door een werkgeversheffing. Verschillen bij loon uit vroegere dienstbetrekking en eindheffingsbestanddelen worden gehandhaafd. Deze wijzigingen worden ingevoerd per 1 januari 2011 of 1 januari 2012. De keuze voor de ingangsdatum maakt het kabinet halverwege 2010.
- Het kabinet introduceert een geheel nieuw stelsel voor vergoedingen en verstrekkingen, de zogenoemde werkkostenregeling. Voor door de werkgever aan te wijzen vergoedingen en verstrekkingen komt een forfaitaire vrijstelling van 1,5% van de fiscale loonsom (exclusief eindheffingsbestanddelen). Deze forfaitaire vrijstelling wordt aangevuld met een beperkt aantal vrijstellingen voor zakelijke kosten. Overschrijding van de vrijstelling betekent een eindheffing van 80% voor de werkgever. De auto van de zaak valt buiten deze regeling. Bestaande afspraken met de Belastingdienst over kostenvergoedingen komen te vervallen. Deze maatregel gaat in per 1 januari 2011.
- De keuzemogelijkheid voor werkgevers om bij de loonaangifte te kiezen voor de systematiek ‘loon in’ dan wel ‘loon over’, wordt met een jaar verlengd tot 1 januari 2011.
- De inhoudingsplicht voor loonheffing en premies werknemersverzekeringen voor werknemers jonger dan 23 jaar met kleine banen wordt afgeschaft. Deze maatregel is bedoeld als lastenverlichting voor het bedrijfsleven.
Ons commentaar
Administratieve lastenverlichting is de kern van de voorgestelde wijzigingen voor kostenvergoedingen en loonbegrip. Niet alleen voor werkgevers maar met name ook voor de Belastingdienst.
Voor het begrip partner is uniformering het uitgangspunt. Dat lukt niet volledig en daarom zijn per belastingwet uitzonderingen mogelijk. Bij de verschillende onderdelen in deze Nieuwsbrief - zoals bijvoorbeeld box 3 en de eigen woning - besteden we aandacht aan het gewijzigde partnerbegrip.
