Geen bonusprovisie bij collectief pensioen
De laatste aanvulling van het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft geldt per 1 januari 2009. Met deze aanvulling is de discussie rond de toelaatbaarheid van omzetprovisie bij collectieve pensioenverzekeringen tot een einde gebracht. Vanaf nu geldt het verbod op (omzet-)bonusprovisie definitief ook voor verzekerde regelingen, dat zijn de pensioenen die bij verzekeraars worden afgesloten.
Provisienorm
Begin dit jaar is duidelijkheid ontstaan over de reikwijdte van het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (Bgfo) waar het gaat om de zogenaamde inducementregels van artikel 149a van het Bgfo. De nieuwe inducement-norm brengt voor aanbieders, bemiddelaars en adviseurs van complexe producten of hypothecaire kredieten mee dat provisiebetalingen zijn toegestaan, mits deze geen afbreuk kunnen doen aan de belangen van de klant. Denk daarbij aan gevallen van ‘miss-selling’ en de zogenaamde ‘perverse verkoopprikkel’.
Provisies
Provisies zijn alleen toegestaan indien zij een vergoeding vormen voor werkzaamheden die noodzakelijk zijn om een overeenkomst tot stand te brengen. Ook zijn zij toegestaan als zij bijdragen aan de kwaliteit van het ontstaan van het contract. Bonusregelingen of omzetprovisies kunnen, volgens de minister van Financiën in zijn nota van toelichting bij het Besluit, niet worden gezien als in het belang van de klant. Omzetbonussen zijn dus vanaf 1 januari 2009 verboden.
Toezicht door AFM
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft aangekondigd strikt op de naleving van het verbod toe te gaan zien. Wel zal de AFM nog een verduidelijking geven over de toepassing van de inducement-norm (guidance). Dus hoe de inhoudelijke provisienorm kan worden ingevuld, hetgeen van belang is voor aanbieders, bemiddelaars en adviseurs. De AFM zal in het licht daarvan voorlopig terughoudend zijn met het opleggen van sancties.
Pensioenregelingen onder bonusverbod
Het ministerie van Financiën heeft bevestigd dat de inducement-regel ook van toepassing is op arbeidsgerelateerd pensioen (tweede pijler) en overige oudedagsvoorzieningen (derde pijler). Het bonusverbod is dus van toepassing op collectieve pensioenverzekeringen en op alle soorten klanten (consumenten en werkgevers).
Tevreden
Met de in lijn van de AFM verstrekte helderheid over de verzekerde pensioenregelingen zijn pensioenuitvoerders tevreden. Over de geldigheid van het bonusverbod met betrekking tot die verzekeringen was immers discussie ontstaan, omdat het Bgfo kennelijk ruimte voor interpretatie bood. Aan die onzekerheid is dus een einde gekomen.
Nieuwe vragen
Wel komen nu nieuwe vragen aan de orde, zoals wat dan de redelijke beloning in dat opzicht is en hoe dit voor een aantal marktpartijen commercieel uitpakt.
