Ongelijke gevallen mag je ongelijk behandelen

De Commissie Gelijke Behandeling (CGB) bevestigt haar beleid dat arbeidsongeschikte deelnemers anders mogen worden behandeld dan arbeidsgeschikten.

De casus
Een deelnemer in een pensioenregeling was volledig arbeidsongeschikt en had in beginsel recht op een WAO-uitkering. Hij kreeg echter geen WAO-uitkering, omdat hij een dienstverband had met de werkgever. Uit dit dienstverband ontving hij loon.

De pensioenregeling houdt er rekening mee dat deelnemers een vervroegd ouderdomspensioen kunnen genieten. De uitkering van het vervroegde ouderdomspensioen wordt dan aangevuld tot 80% van het loon. Het kan echter zo zijn dat de deelnemer toch niet gaat pensioneren op de vervroegde pensioendatum. In dat geval wordt het gehele ouderdomspensioen, inclusief de aanvulling, actuarieel verhoogd.

Voor deelnemers die recht hebben op een WAO-uitkering gelden andere regels. De actuariële verhoging heeft voor hen alleen betrekking op het gedeelte van het ouderdomspensioen, inclusief de aanvulling, dat resteert na aftrek van de WAO-uitkering. Arbeidsongeschikte deelnemers krijgen dus over een kleiner gedeelte de actuariële verhoging. Dit heeft tot gevolg dat de totale uitkering van deze arbeidsongeschikte deelnemer niet uitkwam op 86% maar op 81%.

Kortom de actuariële verhoging van het vervroegde ouderdomspensioen voor WAO-gerechtigden is lager dan voor arbeidsgeschikte deelnemers.  Uit de voorbeeldberekeningen en folders van de pensioenuitvoerder bleek dit echter niet.

Het oordeel van de CGB
De CGB is van oordeel dat het onderscheid dat de pensioenuitvoerder heeft gemaakt op grond van chronische handicap of ziekte, geoorloofd is. De situatie van een arbeidsongeschikte deelnemer is volgens de CGB in de zin van de gelijkebehandelingswetgeving niet gelijk te stellen aan die van arbeidsgeschikte deelnemers.

Wel beveelt de CGB de pensioenuitvoerder aan duidelijker te zijn in de communicatiemiddelen en in de voorbeeldberekeningen. De CGB raadt aan om te vermelden wat het effect is van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op de hoogte van een vervroegde ouderdomspensioenuitkering.

Conclusie
Kern van de uitspraak is dat volgens de CGB de situatie van een arbeidsongeschikte deelnemer in de zin van de gelijkebehandelingswetgeving niet gelijk is te stellen aan die van arbeidsgeschikte deelnemers. Dat is een bestaande lijn van de CGB. Een lijn die ook nu weer wordt gevolgd. Het gaat in deze situatie volgens de CGB niet om gelijke gevallen. Ongelijke gevallen mag je ongelijk behandelen.

Lees ook: In control met Zwitserleven Risicoherverzekeringen

Direct contact

020 - 347 84 78

Of stel een vraag